Impressies van de juryleden

Brouwer: ‘De juridische praktijk in een eigentijds jasje’

Kortgedingrechter Harm Brouwer is voorzitter van de zeskoppige jury. ‘Met de Persprijs willen we erkenning geven aan vakmanschap.’
‘De gehele jury was zeer onder de indruk van de kwaliteit van de meer dan dertig inzendingen. De diversiteit onder de leden heeft in het selecteren van de vijf genomineerden geen enkele belemmerende rol gespeeld, in tegendeel. Alle jury leden hebben alle inzendingen gelezen. Het proces is in een rap tempo verlopen en we bereikten vrij snel overeenstemming over de beste inzendingen. De jury heeft gekeken naar uiteenlopende vormen van verslaggeving die ontwikkelingen in het recht en de rechtspraak op een informatieve, boeiende en journalistiek onthullende wijze blootleggen voor een breed, geïnteresseerd publiek. Onze keuzes vonden daarbij plaats in het spanningsveld tussen enerzijds pure verslaggeving in de context van een bepaalde actualiteit en anderzijds opiniërende en analyserende stukken. De vijf genomineerden reflecteren beide velden.
In onze maatschappij vervult ook de rechtbankjournalistiek een waakhondfunctie. Ze dient in de observatie te onthullen waar recht en rechtspraak in onze samenleving voor staan en inhoud te geven aan de beleving van de burger bij die onderwerpen. In dit licht vervult de Persprijs een belangrijke functie: we willen vakmanschap erkennen en stimuleren.’

Crone: ‘Eén van de belangrijkste thema’s binnen de journalistiek’

Ferd Crone, burgemeester van Leeuwarden, ziet de gerechtsjournalistiek als een belangrijk instrument in het creëren van begrip onder de bevolking.
‘De juridische verslaggeving neemt een prominente plaats in binnen de journalistiek. Voor mij stond de relevantie voor de burger voorop in het beoordelen van de inzendingen. Journalisten dienen de juridische wereld inzichtelijk te maken, ook voor degenen die niet bekend zijn met alle procedures, waarbij vooral dilemma’s eerlijk moeten worden belicht. Door dit op een kwalitatief hoogwaardige en objectieve manier te doen, kunnen verslaggevers gevoelige kwesties verduidelijken en mogelijk begrip creëren onder de bevolking. Jacques van Veen blonk hierin uit. Deze vorm van verslaggeving is van groot belang, zeker wanneer er consternatie ontstaat rondom gerechtelijke uitspraken. Hoe meer er zichtbaar wordt, hoe beter.
Wat betreft de relatie met de media zie ik zeker parallellen met de politiek. Zowel politici als advocaten maken gebruik van de media in het bepleiten van hun zaak. Daarin is het belangrijk dat de journalistiek een interpreterende en analyserende rol speelt.’

Bas Haan: ‘Het werk van de rechtsverslaggever wordt soms onderschat’

Journalist Bas Haan, werkzaam bij het actualiteitenprogramma Nieuwsuur, ontving in 2010 een eervolle vermelding voor zijn boek De Deventer moordzaak. Hij ziet de Persprijs als de belangrijkste vorm van erkenning binnen de juridische verslaggeving.
‘Omdat de jury een overwegend juridische achtergrond kent, heb ik in het beoordelen van de inzendingen vooral geprobeerd om een wakend oog te houden voor de journalistiek. Ik vind het belangrijk dat de verslaggever een goed verhaal vertelt dat ook juridisch correct is. Iemand als Rob Zijlstra vertelt op zijn blog vaak over kleine zaken, maar plaatst dit in een groter perspectief. Jacques van Veen was bij uitstek een verslaggever die het moest hebben van observaties, waarin de mens centraal stond. Ik wilde dat zowel de hoogleraar strafrecht als de sigarenboer op de hoek zich in de selectie genomineerden zou kunnen vinden.
De diversiteit onder de inzendingen was groot: de een doet op een klassieke manier verslag en geeft zijn observaties weer, terwijl de ander meer analyserend of becommentariërend te werk gaat. Voor de juridische verslaggeving is de prijs van groot belang: het beloont vakkennis en kwaliteit. Tevens wordt op deze manier benadrukt dat de rechtsjournalistiek echt een vak apart is, je kunt niet zomaar iemand de rechtszaal insturen om verslag te doen. Er is veel kennis voor nodig en dat hopen wij op deze manier te stimuleren.’

Van den Puttelaar: ‘Te veel politieke bemoeienis in de rechtszaal’

Volgens advocate Lotje van den Puttelaar laten de genomineerden zien waar onze rechtsstaat voor staat en zijn zij daarmee van fundamenteel belang voor de samenleving.
‘Het strafrecht heb ik altijd met veel plezier vanuit verschillende perspectieven bekeken. Mijn interesse gaat vooral uit naar de mens zelf. Onze politici bemoeien zich in te hoge mate met de gang van zaken in de rechtszaal en beseffen niet welke gevolgen dat heeft. Ze onderschatten het belang van de rechtsstaat. Dat is zo fundamenteel. Zoals uit de inzendingen blijkt, heeft een aantal journalisten dit probleem haarscherp geanalyseerd.
Ik houd me veel bezig met zaken op het gebied van gezondheidsrecht. De medische wetenschap komt steeds meer te weten over de functies van de hersenen en het effect op menselijk gedrag. Ik zou graag zien dat deze discussie zich verplaatst naar een breder vlak en niet alleen gevoerd wordt door medici. Dat is belangrijk voor fundamentele vragen in de strafrechtspleging. Door de bevindingen bespreekbaar te maken en vragen te stellen over de mogelijke implicaties voor ons rechtssysteem, kan de journalistiek van groot belang zijn.’

Voets: ‘Aanmoediging om voort te gaan op de weg die bewandeld wordt’

Jurylid Flip Voets, oud-juridisch verslaggever en tegenwoordig ombudsman voor de Raad voor de Journalistiek in België, ziet de Persprijs als ‘positieve stimulans voor de journalistiek’.
‘Het niveau van de juridische verslaggeving in Nederland is hoog, dat hebben wij op kunnen maken uit het grote aantal inzendingen. De rechterlijke macht speelt een belangrijke rol in onze maatschappij. Het gerecht is verantwoordelijk voor het oplossen van conflicten en het bevestigen, en zelfs interpreteren, van de normen binnen de samenleving. Dat maakt de juridische verslaggeving, in de ruime zin van het woord, van groot belang. De pers moet op een betrouwbare en juridisch correcte manier verslag doen aan een breed publiek. Dat gaat veel verder dan verslaggeving alleen: het geeft achtergronden en wijst misstanden aan. De inzendingen waaruit de jury gekozen heeft illustreren dit.
De Persprijs is een stimulans voor goede journalistiek. In een tijd waarin veel, vaak gevoelige, informatie circuleert op het internet, kunnen journalisten onder druk komen te staan. Het is jammer dat in sommige gevallen het beeld ontstaat dat de pers te laf is, bijvoorbeeld in het noemen van de namen van verdachten. Daar moet de journalistiek voor waken en zich constant de vraag stellen welke informatie relevant is en of het eventueel schade toebrengt. In België zijn sommige media meer gericht op sensatie. Dat zou kunnen liggen aan het Belgische rechtssysteem: assisenprocessen worden mondeling gevoerd, waardoor er meer ruimte is voor theatrale elementen. De Raad voor de Journalistiek neemt initiatieven om dit in te perken, onder andere met het formuleren van richtlijnen rondom het noemen van namen. In Nederland gebeurt dit al. Initiatieven als de Persprijs Jacques van Veen kunnen een positieve bijdrage leveren aan dit proces.’

Zandee: ‘We kunnen niet zonder de media’

Hoofdofficier van Justitie Nicole Zandee benadrukt het belang van de Persprijs als een vorm van waardering voor het noodzakelijke werk dat journalisten verrichten.
‘Als lid van deze jury vind ik het belangrijk dat we de mensen kunnen laten zien hoe de rechterlijke macht ( OM & ZM) werkt. De media spelen hierin een hele grote rol, we kunnen niet zonder. We hebben gekeken naar inzendingen die interessant zijn voor juristen en voor een breed geïnteresseerd publiek en die een verhelderend beeld geven van het functioneren van het juridische systeem in ons land.
Zeker in deze tijd, met de snelheid van het internet en de social media is dat van groot belang: de media vertegenwoordigen de stem van de maatschappij. Als Openbaar Ministerie moet je daar naar luisteren. Niet om je in de besluitvorming te laten beïnvloeden, maar om te weten wat er in de samenleving leeft. Wij verantwoorden ons natuurlijk in de rechtszaal, maar dat krijgt het merendeel van de bevolking niet mee. Daarom is het belangrijk om te streven naar een goede verstandhouding tussen de rechterlijke macht en de journalistiek. Op die manier kunnen we als OM recht doen aan het woord ‘openbaar’. Met de Persprijs krijgen journalisten, of ze nu diepgravend onderzoek doen of zich richten op verslaggeving direct vanuit de rechtszaal, extra waardering voor hun goede werk en hopelijk is het tevens een stimulans om daarmee door te gaan.’